[Het einde van het Oxfam tsunamiprogramma 2004-2008]

Tsunami

17 december 2009

Het einde van het Oxfam tsunamiprogramma 2004-2008

Het stond van bij het begin vast dat het een marathon zou worden. Zodra de omvang van de vernieling en ook de overweldigende generositeit van het publiek duidelijk waren, wist Oxfam International dat er een hulp- en herstelprogramma van meerdere jaren nodig zou zijn.

De internationale hulporganisaties moesten na de tsunami een inspanning leveren die gelijk stond aan de bouw en het herstel van een miljoenenstad.
“Met de fondsen die we ontvangen hebben, konden we niet alleen de dringendste nood lenigen van de bevolkingen die door de tsunami getroffen werden”, stelt Barbara Stocking, voorzitster van het Oxfam International Tsunami Fonds in het eindrapport 2004-2008. “We moesten ook proberen die factoren aan te pakken die de mensen kwetsbaar maakten, in de eerste plaats de armoede en het feit dat niet werd tegemoet gekomen aan hun basisrechten zoals het recht op een waardig inkomen, op onderwijs en gezondheidszorg en het recht om hun eigen leven mee te bepalen.”

Hulp voor 2,5 miljoen mensen in 7 getroffen landen

Oxfam heeft nooit eerder een zo grote inspanning moeten leveren: we hebben een vierjarenprogramma uitgevoerd met een fonds van 227 miljoen euro en daarbij 2,5 miljoen mensen in zeven landen bijgestaan. Daarbij werden duizenden nieuwe medewerkers aangetrokken om dit programma te helpen uitvoeren, er werd samengewerkt met 170 verschillende lokale partnerorganisaties. Het stond vast dat een taak uitvoeren van een dergelijke omvang nooit simpel kon zijn. Er dienden meerdere grote uitdagingen te worden aangegaan en problemen opgelost.

“Maar wat gepresteerd werd, is zonder meer verbazingwekkend. Vandaag leven honderdduizenden mensen in betere omstandigheden dan vóór de tsunami en dat dankzij de enorme inzet van een breed publiek, dankzij de toewijding en het harde werk van onze medewerkers en de lokale partners en met de inspanningen die de getroffen gemeenschappen zelf geleverd hebben om hun leven weer op te bouwen.”

Vrouwen staan sterker via zelfhulpgroepen en mede-eigendom

De vrouwen in Sri Lanka en India die in bittere armoede leefden en als landarbeidsters werkten, hebben nu hoop op een betere toekomst omdat ze tot een zelfhulpgroep behoren die door Oxfam gefinancierd werd. Voor het eerst hebben zij nu de mogelijkheid om een lening tegen lage interest af te sluiten en mee te bepalen hoe zij hun leven zullen inrichten.

Ons lobbywerk en de intense samenwerking met de Indonesische overheid heeft duidelijk vruchten afgeworpen: de mensen in Atjeh die een stuk land van andere mensen bezet hadden of huurden vóór de tsunami zijn nu wettelijk eigenaar van hun eigen woning en de vrouwen zijn nu samen met hun echtgenoot mede-eigenaar van een nieuwgebouwde woning.

Er is heel veel aandacht besteed aan de eigenlijke heropbouw van de infrastructuur en het was dan ook pijnlijk om te zien dat mensen twee jaar na de tsunami nog altijd in tijdelijke woningen verbleven. Maar die tastbare resultaten zoals de huizenbouw en de verdeling van boten waren slechts een soort aanwijzing van de vooruitgang.

Minder concrete interventies waren echter even belangrijk: bijvoorbeeld de mensen middelen geven om een betere markttoegang te krijgen voor hun producten om zo hun leefomstandigheden te verbeteren, of de zekerheid dat ze zichzelf beter kunnen wapenen tegen toekomstige natuurrampen, of het vertrouwen om inspraak te vragen bij beslissingen die hen aanbelangen.

Tsunami, katalysator van betere humanitaire coördinatie

De tsunami-respons heeft het Oxfam-principe bij het beantwoorden van een natuurramp versterkt: het plaatselijke middenveld en de kwetsbare gemeenschappen dienen versterkt te worden zodat ze beter in staat zijn hun eigen leven te verbeteren. “We hebben geholpen om “beter dan voorheen” op te bouwen”, stelt Barbara Stocking. “Maar we moeten ook eerlijk durven toegeven dat ons antwoord niet perfect was. Bij een hulpprogramma van een dergelijke omvang worden onvermijdelijk fouten gemaakt.”

“Soms hadden we geen goede kijk op het financile beheer van onze programma’s in India; in de eerste fase van ons programma in Atjeh deed Oxfam beloften die we niet altijd konden waarmaken. En na de evaluatie bleek dat ons programma in Sri Lanka efficiënter zou geweest zijn indien de diverse Oxfam-leden nog beter hadden samengewerkt.”

Door de tsunami werden bepaalde problemen uitvergroot die Oxfam en andere hulporganisaties al voordien kenden. In die zin was deze ramp een katalysator voor verandering. Dat geldt vooral voor de internationale humanitaire coördinatie: de grote evaluaties hebben aangetoond dat teveel organisaties in de eerste periode van de hulpverlening te gretig waren om geld te besteden op “makkelijk toegankelijke plaatsen” en de minder toegankelijke gebieden over het hoofd zagen. Oxfam probeerde dat te vermijden.

Ook liet de tsunami zien dat de coördinatie van het internationale hulpprogramma niet altijd gelijk liep. Er was een gebrek aan leiding en aan aansprakelijkheid. Al voordat deze ramp zich voordeed, werd hier werk van gemaakt maar de tsunami heeft dit proces zeker nog versneld.

De positieve erfenis van de tsunami

Barbara Stocking: “Wij hebben deze ramp aangegrepen om onze mechanismen voor de interne coördinatie en onze richtlijnen bij humanitaire hulpverlening te verbeteren. Onze succesvolle inzet na de aardbeving van mei 2006 in Yogyakarta was in sterke mate te danken aan de lessen die we met de tsunami geleerd hadden. We hebben grotere bedragen kunnen besteden aan opvolging, evaluatie en onderzoek waardoor Oxfam haar prestaties kon verbeteren en ook meer aansprakelijk kon zijn naar de getroffen bevolking.”

Het antwoord op de tsunami werd weliswaar gestuwd door heel uitzonderlijke omstandigheden maar Oxfam meent dat de erfenis van deze ramp nog vele jaren zal doorwerken en dat niet alleen in de getroffen landen. Overal waar de organisatie een noodhulpprogramma opzet, zal die erfenis op een bepaalde manier meespelen.

“Er zijn nog altijd teveel mensen in de tsunami-landen die in bijzonder moeilijke omstandigheden leven. Ze hebben nog steeds te weinig kansen omwille van de armoede, hun toekomst is bedreigd door nieuwe rampen en aanhoudende conflicten. Oxfam blijft met deze gemeenschappen samenwerken om ontwikkelingsprogramma’s op de lange termijn te realiseren.

Het geld van een gul publiek heeft het leven van de tsunami-slachtoffers zonder twijfel op een blijvende manier verbeterd. Dank zij die generositeit en de bekwaamheid en de veerkracht van de getroffenen, hebben die gemeenschappen nu de instrumenten en de kennis om bij een volgende ramp sterker te staan.”

Barbara Stocking, voorzitster van het Oxfam International Tsunami Fonds

Meer informatie:
- Oxfam-Solidariteit, Noodhulpcel, Kristien Vliegen, cordinatie: Tel. 02 501 67 40 gsm: +32(0)474 88 88 08 - kvl(at)oxfamsol.be
- Eindrapport over het Oxfam International Tsunami-Fonds: de herkomst en de besteding van de middelen per land en per sector (volksgezondheid, voedselveiligheid, bestaansmiddelen, sociale voorzieningen, rampenbestrijding en preventie, onderdak, beheerskosten van het programma)

- Meer lezen over de concrete acties en programma’s in Indonesi, Sri Lanka, India, Myanmar, Thailand, Somali en de Maldiven

  • (PDF - 1.1 MB)