Vrede en veiligheid

15 juli 2010

Oxfam-rapport: Meer gevaar voor vrouwen en jongens in Oost-Congo

Het Congolees leger vormt een reële bedreiging voor de veiligheid van de bevolking. Dat blijkt uit een nieuw Oxfam-onderzoek in Noord- en Zuid-Kivu. Er zijn dringend hervormingen nodig voordat de VN-veiligheidstroepen zich terugtrekken.

Burgers in Oost-Congo vormen steeds vaker een doelwit voor verkrachtingen en dwangarbeid als gevolg van de internationaal ondersteunde militaire operatie tegen de rebellen. Dat blijkt uit een nieuw onderzoeksrapport dat Oxfam op 15 juli 2010 publiceerde.

75% van de ondervraagde vrouwen voelt zich bedreigd
816 gewone burgers uit 24 gemeenschappen in Noord- en Zuid-Kivu werden geïnterviewd. 60% van hen voelt zich minder veilig dan een jaar geleden bij het eerste Oxfam-onderzoek. Vooral vrouwen en jongens voelen zich bedreigd. Het onderzoek werd uitgevoerd in het gebied waar het Amani Leo-offensief (Vrede vandaag) tegen het FDLR (Democratisch bevrijdingsleger van Rwanda) en andere rebellen met de steun van de VN plaatsvond.

75% van de ondervraagde vrouwen zeiden dat ze zich minder veilig voelen dan een jaar geleden; in het gebied van Zuid-Kivu dat midden in de gevechtszone lag, was dat zelfs 99%. Idem voor de jongens: 65% vond de toestand gevaarlijker dan een jaar geleden. In de zones waar de Amani Leo-gevechten plaatsvonden was dat zelfs 100%. In 20 van de 24 onderzochte gemeenschappen stelden de vrouwen dat het aantal verkrachtingen toegenomen was. Jongens vertelden dat scholen vaak overvallen werden om hen verplicht tewerk te stellen.

Ondanks het offensief van het Congolese leger, zo zeiden de ondervraagde personen in 19 van de 24 gemeenschappen, bleven het FDLR en andere milities extreem geweld gebruiken met verkrachtingen en het platbranden van dorpen. In sommige gebieden leidde het offensief zelfs tot steeds brutaler vergeldingsacties tegen burgers.

Het Congolese leger gaat niet vrijuit
Het Congolese leger werd ook als dader aangewezen, met soldaten die burgers lastig vielen in 23 van de 24 gemeenschappen. Anderzijds werd in 11 gemeenschappen verteld dat bepaalde soldaten de bevolking in bescherming namen, door ’s nachts patrouilles uit te voeren en te zorgen dat de mensen bevrijd werden die door het FDLR waren ontvoerd. Slechts een gemeenschap had helemaal geen klachten over de soldaten.

In sommige gevallen gingen zij zich te buiten aan extreem geweld: moordpartijen, marteling, in brand steken van huizen en groepsverkrachtingen. Eigenlijk was er geen verschil met de terreur van het FDLR. Drie vierde van de gemeenschappen getuigde over plundertochten waarbij de soldaten alles meenamen, van gsm’s en geld tot voedsel en vee. Uit een afzonderlijk onderzoek in Kabare, Zuid-Kivu, bleek dat 15 militaire controleposten in het gebied via afpersing tot 18.000 dollar per maand binnenhaalden

Er heerste veel woede over de massale misbruiken maar toch waren er ook burgers die enig begrip toonden voor de slechte toestand van het Congolese leger: vaak moeten ze het stellen zonder voldoende rantsoenen, hun loon wordt onregelmatig betaald of gestolen door de legerleiding. “Het is beschamend dat een soldaat van het regeringsleger moet bedelen en dus stelen ze nog liever”, zei een van de ondervraagden.

Alle gemeenschappen waren van oordeel dat het tijdig betalen van de soldaten zou leiden tot meer veiligheid voor de burgers. In juli vorig jaar voerde de Congolese overheid al een beleid van nultolerantie in voor geweldplegers in het leger, maar dit Oxfam-onderzoek toont aan dat de bevolking nog steeds te lijden heeft onder de straffeloosheid, de slecht functionerende rechtspraak en het gebrek aan enige schadeloosstelling.

Steven Van Damme, verantwoordelijke Humanitaire Lobby bij Oxfam-Solidariteit zei: ““De militaire operaties zijn vreselijk voor de bevolking die gevangen zit tussen bedreigingen van alle kanten door alle gewapende partijen. Eigenlijk zou het leger de burgers moeten beschermen. Helaas, zolang er geen grondige en efficiënte militaire hervormingen doorgevoerd worden, is het tegendeel veel vaker waar: de bevolking loopt steeds meer gevaar. Soldaten zonder logistiek, zonder rantsoen en zonder soldij keren zich tegen de burgers. Het oogluikend toestaan van zo’n praktijken spoort anderen aan om nog meer gewelddaden te plegen. De slachtoffers van dit geweld smeken om hervormingen van het leger.”

Kort geleden werd gevraagd dat de VN-veiligheidstroepen het land zouden verlaten, maar dat is in de huidige omstandigheden geen goede zaak. De VN-Veiligheidsraad zal de huidige troepenontplooiing in oktober herbekijken. Daarbij stelt Oxfam duidelijk dat veiligheidstroepen zeker een oplossing voor het conflict zijn op lange termijn, maar zolang het Congolese leger niet in staat is de bevolking te beschermen, blijft hun aanwezigheid absoluut noodzakelijk.

De bevolking vraagt politieke oplossingen
De resultaten van het Oxfam-onderzoek suggereren een gemengde balans van het offensief tegen de FDLR-dreiging. In sommige gebieden voerde het FDLR inderdaad minder aanvallen uit maar als ze plaatsgrepen gingen ze zich te buiten aan des te meer geweld. In de Petit Nord-regio (het zuiden van Noord-Kivu) verantwoordde het FDLR het in brand steken van een dorp met “jullie hadden ons maar niet moeten wegjagen”.

In het noorden van Zuid-Kivu zijn ontvoeringen zo frequent geworden dat hele dorpen vluchten of de bevolking zich ’s nachts verschuilt buiten het dorp. De ondervraagden meldden steeds meer ontvoeringen en veelvuldige verkrachtingen waarbij de vrouwen pas na het betalen van losgeld weer vrijgelaten werden. Een gemeenschap vertelde dat 16 meisjes ontvoerd en verkracht werden en pas na drie maanden weer vrijgelaten werden door het FDLR.

Drie vierde van de ondervraagde gemeenschappen wenste dat het Amani Leo-offensief zou stopgezet worden. Ze vroegen politieke oplossingen, zoals de integratie van de milities in het leger en een politieke opening naar Rwanda, zodat FDLR-rebellen, die niet bij de genocide betrokken waren, kunnen terugkeren.

Het offensief heeft ook zware gevolgen voor de lokale jongeren en het onderwijs. Bepaalde delen van het leger mikten vooral op scholen om de jongens mee te nemen en als drager aan het werk te zetten. Het lesgeven werd gestaakt of de scholen verhuisden naar elders om het risico voor de leerlingen te beperken. Wie zich probeerde te verzetten, werd mishandeld of zelfs vermoord. Jongens werden ook geregeld beschuldigd tot een militie te behoren, waarop ze mishandeld werden, gearresteerd of zelfs vermoord.

Extra info
- Oxfam interviewde 816 gewone mensen in 24 gemeenschappen in Noord- en Zuid-Kivu die getroffen werden door het Amani Leo-offensief tegen het FDLR en de andere milities. De meeste interviews werden in groep afgenomen, maar er waren ook individuele gesprekken. De preciese locatie wordt niet vrijgegeven om de moedige enkelingen die wilden getuigen niet in gevaar te brengen.
- Dit onderzoek beperkte zich enkel tot de gebieden die recent getroffen werden door de militaire operaties. Het is bijgevolg niet representatief voor de toestand van de burgers in geheel Kivu.
- De resultaten van dit onderzoek werden gebundeld in het rapport “Women and children first on the frontline of war in the Kivus”.
- Voor het tweede jaar op rij heeft Oxfam de humanitaire gevolgen van de militaire operaties in de Kivus onderzocht. Het onderzoek van 2009 bij 569 burgers in Noord- en Zuid-Kivu stelde ook vast dat de bevolking zwaar getroffen werd door het eerdere Kimia II-offensief. Er waren meldingen van toegenomen verkrachtingen, dwangarbeid, plundering, marteling en vergeldingsacties.

Voor meer informatie en interviews:
- Steven Van Damme, verantwoordelijke Humanitaire Lobby bij Oxfam-Solidariteit
Tel. 02 501 67 42 — 0485 442 747 — sva (at) oxfamsol.be