De uitdagingen in Cuba

Met zijn 51ste plaats in de Ontwikkelingsindex doet Cuba het vrij behoorlijk. Maar het land krijgt vaak af te rekenen met rampen (aardbevingen, orkanen, droogtes) en is op zoek naar een nieuw evenwicht tussen staat, burgers en privésector. 

Zowel wat de economie betreft als voor andere doelstellingen (sociaal, cultureel, jongeren, gender, bevolking en milieu) scoort Cuba goed:

  • Het bruto binnenlands product (BBP) schommelt rond de 6.000 dollar per inwoner;
  • de actieve bevolking telt ongeveer 5 miljoen mensen;
  • daarvan werkt zo’n 90% voor de overheid; 
  • naar schatting 600.000 mensen werken in de privésector (vooral landbouw) en 143.000 mensen werken op zelfstandige basis in de toerisme- en dienstensector.

Op weg naar meer participatie

Het unieke politieke systeem dat nog steeds geleid wordt door de broers Raul en Fidel Castro, wordt door liberale democratieën geregeld bekritiseerd.  Dit omdat individuele rechten er niet op de eerste plaats komen. Inwoners kunnen wel rekenen op beperkte inspraak, maar het ontbreekt velen aan middelen en/of politieke wil om daar ook echt gebruik van te maken. Er bestaat bovendien eerder een cultuur van mobilisatie dan van participatie.

Dialoog aanmoedigen

Voorlopig is geen opvolging voorzien voor de huidige generatie van leiders. Het land bestuurbaar houden is een grote zorg. Daarom wil de overheid ervoor zorgen dat de instellingen optimaal functioneren. De lokale besturen en de gemeenschappen moeten versterkt worden volgens hun noden en capaciteiten. Met een grotere zin voor verantwoordelijkheid en initiatief kan de bevolking meer participeren. Zo wordt ook de dialoog aangemoedigd, vooral voor vrouwen en jongeren.

Orkanen en overstromingen

De versterking van het lokale niveau is ook essentieel bij het bestrijden van rampen. Op dat vlak heeft Cuba zijn deel van de koek al ruimschoots gehad. 

In toenemende mate ondervindt het land de gevolgen van de klimaatverandering. Cuba kent periodes van droogte, zware lokale stormen en een verhoogd niveau van het zeewater. 1,4 miljoen Cubanen wonen binnen 100 meter van de zee. 

Het oostelijke deel van Cuba en vooral Santiago de Cuba, Guantanamo, Holguin en Granma liggen in een zone die gevoelig is voor aardbevingen.

Early warning

In de afgelopen 10 jaar werd Cuba getroffen door 8 zware orkanen. Die orkanen hebben grote schade veroorzaakt aan de infrastructuur en de economie van het land. Er werden 44 sterfgevallen geregistreerd in die periode.

Dit lage cijfer is het resultaat van een goede voorbereiding op natuurrampen. Cuba doet het relatief goed op vlak van preventie, vroegtijdige waarschuwing (‘early warning’) en het reactievermogen op rampen. Maar internationale hulp om die inspanningen te ondersteunen blijft broodnodig.

Economie in transitie

Het economisch systeem in Cuba was vrij apart voor de val van de Sovjet-Unie. Er bestonden enkel vaste prijzen en subsidies. De motivatie om te produceren voor de export werd afgeremd en er was vrijwel geen toegang tot vreemde valuta.

Toch was de economie niet helemaal geïsoleerd. De toeristische sector leverde nooit geziene resultaten op: ongeveer 2,5 miljoen bezoekers, 350.000 arbeidsplaatsen en meer dan 2 miljard dollar aan inkomsten. En dan kon de grootste groep toeristen, die uit de VS, het eiland nog niet eens bezoeken.

Crisis

Tot midden jaren ‘80 lag het welvaartspeil in Cuba vrij hoog. Maar de sterke afhankelijkheid van de toenmalige Sovjet-Unie maakte de Cubaanse economie kwetsbaar.

Na de val van de Sovjet-Unie groeide de ongelijkheid. Wie ouder is dan 40, spreekt nu geregeld over ‘de goede oude tijd’. Jongeren hebben enkel de crisis gekend en hebben geen uitzicht op een betere toekomst. De koopkracht ligt vandaag 40% lager dan in de jaren 80.

De wereldwijde financiële en economische crisis van 2008 heeft ook de welvaart en het welzijn van de mensen in Cuba ernstig aangetast. De opbrengst van de landbouw is beperkt en dekt amper 1/3de van de voedselbehoeften. De suikerproductie is sterk gedaald en ondanks de eigen koffieproductie wordt voor meer dan 40 miljoen dollar koffie ingevoerd.

De toekomst van Cuba

Een grote uitdaging voor Cuba: overschakelen van een centraal gestuurde monocultuur (die vooral bedoeld is voor de export) naar een meer duurzame landbouw (voor lokale consumptie). Familiale boerderijen worden belangrijker. Boeren krijgen nu toegang tot krediet en diensten en kunnen hun producten zelf op de markt verkopen, wanneer ze belastingen betalen.

Cubaanse privésector krijgt grotere rol

De rol van de staat wordt duidelijk kleiner en die van de privésector groter. Er zijn niet-staatsgeleide vormen van productie en dienstverlening ontstaan. Er zijn coöperaties opgericht van bijvoorbeeld landbouwers, kappers en voedselverkopers. Zelfstandige ondernemers kunnen nu personeel in dienst nemen en zelf hun producten of diensten te koop aanbieden.

Meer productie, minder afhankelijkheid

Door de privésector meer ruimte te geven, wil de Cubaanse overheid de productie opvoeren en diversifiëren en haar afhankelijkheid verminderen. Maar de overheid wil absoluut geen sociaal bloedbad aanrichten. Daarom houdt ze vast aan goed werkende sociale voorzieningen. Ze wil de verwachte ongelijkheid tussen de mensen zoveel mogelijk onder controle houden.

Koopkracht stagneert

Op het vlak van bestaansmiddelen, koopkracht, woningen, transport en beschikbare producten, valt er weinig vooruitgang te noteren. Daar hebben veel Cubanen het moeilijk mee. De overheid kan daar tot nog toe geen antwoord op bieden. Toch wordt het politieke systeem of de overheid weinig in vraag gesteld. Daarvoor staan de historische leiders op een veel te hoog voetstuk.