Landroof

Wat als ze morgen je huis, je maaltijd of je identiteit afpakken? Grote multinationals pikken wereldwijd land in van inheemse bewoners. De overheden van die landen laten dat vaak toe, door een zwak landbeleid te voeren. Het fenomeen heet landroof en komt vaak voor bij inheemse gemeenschappen. Oxfam helpt om deze mensen en hun land te beschermen.

  • Een tractor van multinational Mitr Lao oogst het suikerriet van Laotiaanse boeren. In 2005 opende de suikergigant een fabriek in het Zuiden van Laos en bood de lokale boeren aan om suiker te gaan verbouwen. Als de boeren hun land en arbeid ter beschikking stelden, zou Mitr Lao de oogst opkopen. ‘Contract farming’ heet dat, en de praktijk grenst aan landroof. Jaren later zitten 9 op 10 deelnemende boeren en hun gezin tot over hun oren in de schulden. Oxfam en lokale partner LFTU helpen hen om zich te organiseren en hun onderhandelingspositie met het bedrijf te versterken.

    Lees meer over
    Laos
    Landroof
    LFTU
  • In Huehuetenango (Guatemala) zijn lokale bewoners van hun land verjaagd door buitenlandse bedrijven. Oxfam-partner CEIBA steunt boeren om opnieuw toegang tot hun land te krijgen. CEIBA helpt de mensen in de dorpen ook om maïs, pompoenen en bonen te telen op gezamenlijke grond van hun gemeenschap. Zo zijn mensen opnieuw zeker van hun eten en hebben ze bovendien meer gevarieerd en evenwichtig eten op tafel.

    Lees meer over
    Guatemala
    Landroof
    CEIBA
  • 1,1 miljoen hectare land werd de voorbije 10 jaar in Laos verkocht of verhuurd. De beschikbare grond voor landbouw verkleint er in sneltempo.

De uitdagingen bij landroof

Grond wordt schaars en dus valt er veel geld mee te verdienen. Door de voedselcrisis in 2008-2009 heeft de trend van grootschalige investeringen in land zich extreem doorgezet. Volgens de Wereldvoedselorganisatie (FAO) werd in 2009 wereldwijd beslag gelegd op 45 miljoen hectare grond. Dat is 15 keer de oppervlakte van België. Talrijke privé-investeerders zoeken gronden om voedsel te produceren voor de export, voor biobrandstoffen of gewoon om hun eigen winsten te verhogen.

Bij grootschalige investeringen worden kleine boeren regelmatig met geweld van hun grond verdreven. Soms zonder schadeloosstelling. Ze krijgen hooguit een klein lapje grond als compensatie, maar dat is te weinig om van te leven. Ze worden nog armer dan ze al waren en er wordt steeds minder voedsel geproduceerd voor lokale consumptie. Dit fenomeen van landroof doet zich vooral voor in de Afrikaanse landen, maar ook in Azië, Latijns-Amerika en zelfs in Centraal-Europa. Het gaat doorgaans om landen met een gebrekkige regulering over grondbezit.

Biobrandstoffen en vage wetten over grondbezit

De regering van Mozambique verwelkomde buitenlandse investeerders die op zoek waren naar vruchtbare grond, om gewassen gewassen te telen voor biobrandstoffen. De lokale gemeenschappen kregen geen inspraak. Het gevolg is dat de voedselzekerheid in het land op lange termijn bedreigd is. Steeds meer landbouwers worden landarbeiders op grote plantages voor biobrandstofgewassen, waardoor ze hun lot minder in eigen handen hebben.

In Mali is al meer dan 600.000 hectare grond van de bevolking afgenomen. De nationale elites, buitenlandse staten (zoals China) en multinationals kopen er grote oppervlakten landbouwgrond. Meestal gebeurt dat zonder de minste transparantie. De wetgeving op het grondbezit in Mali is helemaal niet duidelijk. De overheid moedigt privé-investeerders aan, want ze hoopt dat het land hierdoor zal kunnen voorzien in zijn eigen voedselbehoeften. Maar in de praktijk blijkt dat er rijst voor de export geteelt wordt.

En de Malinese boeren, die deze grond nodig hebben om in hun eigen voedsel te kunnen voorzien, blijven met lege handen achter. De vrouwen, die bonen van de boterboom konden oogsten, moesten plaats ruimen voor een grootschalige producent van rietsuiker. Daardoor raakten ze hun inkomsten kwijt.

Nieuwe internationale richtlijnen

Het goede nieuws is dat de lidstaten van het Comité voor Voedselzekerheid (CFS) op 11 mei 2012 officieel de Vrijwillige Richtlijnen goedgekeurd hebben voor het verantwoord beheer van grond, visgronden en bossen. Het gaat om 96 landen, waaronder China, de Verenigde Staten en Brazilië. Drie jaren van onderhandelingen waren hiervoor nodig. Zowel het middenveld als onze partnerorganisaties speelden hierin een rol. Oxfam was een drijvende kracht in dit proces.

De Vrijwillige Richtlijnen bevatten concrete aanbevelingen voor staten om aan verantwoord grondbeheer te doen, met het oog op duurzame ontwikkeling en het bestrijden van honger. De Richtlijnen zijn een belangrijk instrument om het overheidsbeleid te sturen. Ze bieden ook een kader voor andere actoren zoals bedrijven.

Dit is op zich goed nieuws, op voorwaarde dat de richtlijnen nu door de Europese en Belgische overheid en door internationale instellingen zoals de Wereldbank vertaald worden in een verbeterd, evenwichtig beleid.

Wat doet Oxfam tegen landroof?

Met haar internationale GROEI-campagne voert Oxfam de druk op overheden en bedrijven op om landroof te stoppen. Toegang tot grond is een fundamenteel recht en moet beschermd worden. Want boeren zonder land zijn niet in staat om hun gezin te eten te geven. Oxfam zet het publiek wereldwijd aan om de eigen consumptie kritisch te bekijken en om mee druk uit te oefenen op zoals de Wereldbank om hun investeringsbeleid te herzien.

In Burkina Faso bestudeert de onderzoeks- en actiegroep GRAF (Groupe de Recherche et d’Action) de bestaande landwetten en hoe deze evolueren. Met deze onderzoeksgegevens willen ze vervolgens het politieke beleid beïnvloeden. Oxfam steunt zowel pilootprojecten als de institutionele werking van het coördinatienetwerk van GRAF. Omdat de politieke analyse en de terreinwerking van GRAF elkaar aanvullen, geniet het een hoge geloofwaardigheid bij de boerenorganisaties en bij de nationale overheid. Hun analyses vormen een referentie op het vlak van landkwesties.

Vrouwen maken het verschil

De toegang tot grond is in Mali wettelijk geregeld, maar tradities staan vaak in de weg. Vrouwen krijgen het recht om de grond te bewerken, maar niet om die te bezitten. Bovendien is de grond die ze mogen bewerken vaak van een mindere kwaliteit.

Vier boerenorganisaties in de regio Kayes (URCAK, Utpade, Vrouwencoördinatie van Samé en Asprofer) hebben een platform ontwikkeld. Oxfam-Solidariteit steunt dit platform sinds 2009. Ze willen samen druk uitoefenen op de lokale, gedecentraliseerde machten en op traditionele leiders om meer land toe te wijzen aan vrouwelijke producentengroepen. Ze willen de boeren en boerinnen informeren over hun gelijke rechten op land. De organisaties vragen aan de lokale autoriteiten om bij de toewijzing van land effectief te zorgen voor gelijke rechten voor alle producenten. En ze verbeteren de beschikbare gronden voor vrouwen.

Van microkrediet tot beleidsbeïnvloeding

De Vrouwenunie van Thach Ha (Vietnam) is al lang een partner van Oxfam. Aanvankelijk verleende de organisatie microkredieten aan vrouwen. Later spitste ze zich toe op de ondersteuning van de productie en de verkoop van landbouwproducten. Vandaag richt onze de Vrouwenunie zich steeds meer op beleidsbeïnvloeding voor werkgelegenheid.

In het district Thach Ha gaf de Vietnamese overheid een Indiase mijnbouwer de toelating om een ijzermijn te bouwen. Daarvoor werd landbouwgrond opgeofferd. De Vrouwenunie van Thach Ha verdedigde de belangen van de landbouwers, die landloos en dus ook werkloos dreigden te worden. De bouw van de mijn kon ze misschien niet tegenhouden, maar de Vrouwenunie kon via onderhandelingen met de overheid wel proberen om een eerlijke vergoeding uit de brand te slepen.

Oxfam ondersteunt deze aanpak. We stimuleren het initiatief van de Vrouwenunie om de onteigende gemeenschappen te betrekken bij de hervestigingsplannen. Op aandringen van onze partner organiseerde de overheid een jobbeurs, waar 42 bedrijven en 3.000 werkzoekenden elkaar ontmoetten.

Met de steun van 50.000 mensen

In oktober 2012 trapte Oxfam haar wereldwijde campagne tegen landroof op gang. We eisten dat de Wereldbank maatregelen zou nemen om landroof te stoppen in ontwikkelingslanden.

Meer dan 50.000 mensen ondertekenden onze petitie. In de Filipijnen, Cambodja en Guatemala kwamen gemeenschappen die het slachtoffer zijn van landroof op voor hun rechten. Ook in Belgische steden kwamen mensen op straat tegen landroof.

In de lente van 2013 beloofde de Wereldbank om de rechten van kleine boeren beter te respecteren en een meer verantwoord investeringsbeleid te voeren. Oxfam blijft alert en houdt de gebeurtenissen in het oog.

Het rapport “Voedselspeculatie” van juni 2013 belicht onder andere de rol die België speelt in de wereldwijde grondkoorts. Dit rapport, dat door een aantal middenveldorganisaties gerealiseerd werd, is gelinkt met de acties voor beleidsbeïnvloeding waar Oxfam intensief aan werkt.

Meer info over Oxfam en landroof:

Oxfam werkt rond dit thema in de volgende landen:
Stéphane Parmentier

Sinds de voedselcrisis van 2008 worden veel mensen in het Zuiden beroofd van hun grond, zonder compensatie.

Stéphane Parmentier, Oxfam-beleidsmedewerker Toegang tot land

Lees meer over
Landroof
Mali